Emancipatie en vrouwenrechten

Maar iets meer dan de helft van de Nederlandse vrouwen verdient genoeg geld om zelfstandig te kunnen leven. Vrouwen verdienen nog altijd minder dan mannen voor hetzelfde werk. Er zijn veel minder vrouwen dan mannen in de top van het bedrijfsleven, de wetenschap en de overheid. GroenLinks wil dit veranderen.

Vrouwen aan de top

Het aantal vrouwen aan de top van het bedrijfsleven blijft bedroevend laag. Zo ligt het aantal vrouwen in raden van bestuur van bedrijven in Nederland op ongeveer 12 procent. En van alle van Europese landen heeft Nederland de minste vrouwen met een managementpositie.

Deze cijfers tonen aan dat zelfregulering van het bedrijfsleven niet werkt. GroenLinks wil een verplicht quotum van minimaal 1/3 vrouwen in de top van beursgenoteerde bedrijven en bij de overheid.

Economisch zelfstandig

Alle vrouwen moeten economisch zelfstandig kunnen zijn. Voor de samenleving is het belangrijk dat meer vrouwen een betaalde baan hebben. Daarmee vang je de kosten van de vergrijzing op, maar belangrijker: economische zelfstandigheid behoedt vrouwen voor armoede.

Een op de drie huwelijken eindigt in een scheiding. Voor samenwonenden ligt dat percentage nog hoger. Voor vrouwen die geen baan hebben betekent een scheiding vaak een enkeltje bijstand, net als voor hun kinderen.

GroenLinks wil de financiële zelfstandigheid van vrouwen vergroten door het belastingstelsel te herzien, te zorgen voor goede en betaalbare kinderopvang en door het combineren van zorg en werk makkelijker te maken. Ook werkt GroenLinks aan een initiatiefwet om de gelijke beloning van mannen en vrouwen wettelijk te verplichten.

Werk en zorg combineren

Het moet makkelijker worden om arbeid en zorg te combineren. GroenLinks wil daarom beter ouderschapsverlof, betaald zorgverlof en snelle invoering én uitbreiding van het vaderverlof.

Goede en betaalbare kinderopvang is een absolute voorwaarde. Ouders die willen (blijven) werken kunnen niet zonder.

Verder wil GroenLinks dat werknemers het recht krijgen om thuis te werken. Zo ontstaat meer flexibiliteit, bijvoorbeeld om ’s middags thuis te zijn als de kinderen uit school komen, om het werk vervolgens ’s avonds af te maken.